Conflict afdeling 5 Zuid-Holland en De Kuststrook

09-05-2015 09:08

De gebeurtenissen die hebben geleid tot de stand van zaken nu in het conflict met betrekking tot afdeling 5 Zuid-Holland en afdeling De Kuststrook.

Zoals u allemaal weet, bestaat  er al geruime tijd een conflict tussen afdeling 5 Zuid-Holland  en afdeling 12 De Kuststrook. Beide afdelingen opereren in het oorspronkelijke werkgebied Zuid Holland. Na  het formeren van de unieke werkgebieden heeft afdeling 12 via de rechter afgedwongen dat het een zelfstandige afdeling zou blijven.  Besloten is dat dit een eindig gebeuren zou zijn. Na vijf jaar zouden de afdelingen weer samengevoegd gaan worden tot één Zuid Holland. Deze termijn is verstreken en er is geen actie ondernomen om tot 1 afdeling Zuid Holland te komen.

Dit heeft ertoe geleid dat een klein aantal verenigingen al sinds drie jaar probeert van afdeling 12 weg te gaan.  Deze overgang is in de voorgaande jaren steeds afgewezen. Er is in beide afdelingen een commissie aan het werk gegaan om te werken aan een samenvoeging van beide afdelingen (De commissie 5 voor 12) . Ook hiermee kwam men niet verder en er werden gesprekken gevoerd met bestuur NPO.
Bestuur NPO heeft daarop beide afdelingen in november en december 2014 eerst afzonderlijk bij elkaar geroepen om te kijken of er een basis was om te komen tot volledige integratie. Beide afdelingen hebben aangegeven dat er een basis was om in overleg tot  een oplossing te komen.

Het voornaamste punt van verschil was tot op dat moment volgens afdeling 12:
Afdeling 12: wil een groepslossing  (3 groepen ) tot 400 kilometer.
Afdeling 5:   wil groepslossing alleen op de vluchten met vrijdag inkorving.

Daarnaast waren er nog een paar geschilpunten die door iedereen als direct oplosbaar werden gezien. Daarna werd met elkaar afgesproken dat de besturen van afdeling 5 en 12 en bestuur NPO rond de tafel zouden gaan zitten om tot een oplossing te komen waarbij de NPO als een soort van mediator zou gaan optreden. Dit heeft geleid tot een drietal bijeenkomsten, waarbij na de eerste twee bijeenkomsten iedereen met een tevreden gevoel naar huis ging. Het leek erop dat we steeds dichter bij een oplossing kwamen. Tijdens het derde gesprek op 4 december jl. bleek al snel dat de door iedereen gewenste oplossing er niet kwam. Het hoogst haalbare op dat moment was een overeenkomst die staande de bijeenkomst is afgesproken. De overeenkomst zou de volgende dag op papier worden gezet en de afdelingsvoorzitters zouden deze overeenkomst ondertekenen en terugsturen naar bureau NPO.  Aldus is ook geschied waarbij afdeling 5 de overeenkomst een paar dagen later retourneerde dan was opgedragen. Er was wel in de brief vermeld dat de mondeling gesloten overeenkomst ook zou worden uitgevoerd door bestuur NPO als een van de afdelingen onverhoopt zou besluiten niet te tekenen.

 De gesloten overeenkomst (op 4 december 2014) luidde als volgt:  

  • Beide afdelingen hebben de intentie uitgesproken tot samenvoeging. Voor beide partijen geldt dat dan wel aan bepaalde voorwaarden moet worden voldaan.
  • Omdat men niet nader tot elkaar kon komen is met betrekking tot de leden besloten dat  voor individuele leden de afdelingsgrenzen opengesteld worden.
  • Dit houdt in dat individuele leden vrij over kunnen gaan van afdeling 5 naar afdeling 12 en van afdeling 12 naar afdeling 5.
  • Mochten er verenigingen zijn waarvan alle leden besluiten over te gaan naar de andere afdeling, dan kan de vereniging overgaan naar een andere afdeling.

Bestuur NPO heeft vervolgens de overeenkomst uitgevoerd. Om te controleren of alle leden met de overgang akkoord waren, is besloten dat ieder lid van de vereniging moest tekenen dat hij over wilde naar de andere afdeling. Dit was voor bestuur NPO de enige mogelijkheid om uitvoering te geven aan de overeenkomst.

Vervelend in deze is dat op de site van afdeling 5 werd vermeld dat het niet nodig was dat ieder lid van de vereniging voor overgang zou moeten zijn. Men zou ook over kunnen bij een besluit dat met meerderheid van stemmen is genomen. Hetgeen niet was afgesproken. Bestuur NPO is steeds blijven communiceren dat elk lid akkoord moest gaan met de overgang. Dit hele traject heeft ertoe geleid dat uiteindelijk 7 verenigingen alle handtekeningen van de leden hebben aangeleverd voor overgang naar afdeling 5 en één vereniging voor overgang naar afdeling 12.

Aan de individuele leden van deze verenigingen is dispensatie gegeven door bestuur NPO en omdat het alle leden van de vereniging betrof, mochten ook de verenigingen over  (conform de gesloten overeenkomst). Dan waren er nog 6 verenigingen, waarbij soms één en soms meerdere handtekeningen ontbraken. Aan de leden van deze verenigingen is toen geen dispensatie verleend. Ze zijn wel in de gelegenheid gesteld de ontbrekende handtekening(en) alsnog in te dienen. Hiervan heeft nog één vereniging gebruik gemaakt en deze is op dezelfde manier verder behandeld als de eerste 7 verenigingen die overgegaan zijn.  Op 9 februari jl. heeft zich nog een vereniging aangemeld die alsnog overgang wilde naar afdeling 5.  Deze aanvraag ging niet vergezeld van de benodigde handtekeningen.

In de tussentijd  hebben diverse personen de kwestie voorgelegd aan  het Tucht- en Geschillencollege NPO. (de 5 verenigingen, waarvan in eerste instantie ook nog de laatst overgegane vereniging deel uitmaakte, alsook afdeling De Kuststrook). 

De 5 verenigingen beriepen zich op het verenigingsrecht waarbij  in hun optiek bij meerderheid van stemmen besluiten konden worden genomen.  De Kuststrook wilde dat de overeenkomst nietig zou zijn of vernietigd zou  worden.

Het Tucht- en Geschillencollege was van mening dat de overeenkomst voorgelegd zou moeten worden aan de Algemene Vergadering NPO. Bestuur NPO heeft aan de Algemene Vergadering NPO instemming gevraagd met het gevoerde beleid. Geen een van de 12 afdelingen is opgestaan om aan te geven hieraan geen instemming te kunnen geven. Het Tucht- en Geschillencollege NPO vond tevens dat voor de verenigingen, waarvan niet alle handtekeningen ontvangen waren, niet gold dat dit geen unaniem besluit was en dat zij dus alsnog over konden naar afdeling 5.

Afdeling 12 de Kuststrook is tegen beide uitspraken in beroep gegaan. Vervolgens heeft het Beroepscollege op 8 april 2015 uitspraak gedaan en heeft besloten dat de situatie van vóór 4 december 2014 moest worden hersteld. Dit hield in dat alle verenigingen, die overgegaan waren, terug moesten naar de afdeling waarvan zij vóór 4 december lid waren.

Bestuur NPO heeft dit op 9 april aan de betreffende verenigingen en de betrokken afdelingen gemeld.  Op 10 april is er nog eens een brief uitgegaan om een en ander nogmaals te verduidelijken.

Na het eerste weekend bleek dat beide afdelingen het besluit van het Beroepscollege niet hadden uitgevoerd.

Bestuur NPO heeft dan ook op 16 april beide afdelingen bericht dat de leden van hun afdeling niet kunnen deelnemen aan de nationale kampioenschappen 2015. Na deze brief heeft de afdeling De Kuststrook zich gehouden aan de uitspraak van het Beroepscollege NPO en afdeling 5 niet. Dit heeft ertoe geleid dat de duiven van één vereniging in één weekend niet zijn meegenomen.

Bestuur NPO is op grond van artikel 43 van het Huishoudelijk Reglement  verplicht bij het niet naleven van een uitspraak maatregelen te treffen om naleving van de uitspraak af te dwingen.

Wat zijn de maatregelen die genoemd zijn: 

  • Intrekken van lossingsvergunningen.
  • Intrekken van erkenningen en toekenningen van rechten door Bestuur NPO
  • Het verbod tot deelneming aan alle of bepaalde wedvluchten en de Nationale Manifestatie.
     

De maatregelen, op 16 april genomen, zijn ter kennis gebracht van de Aanklager NPO die, naast de door Bestuur NPO opgelegde maatregelen, ook nog maatregelen kan treffen.
De Aanklager heeft de aangedragen zaken geseponeerd met de opmerking dat Bestuur NPO eerst zelf alle mogelijke maatregelen moet nemen, alvorens hij iets kan gaan doen.

 Verder heeft afdeling De Kuststrook bij de Aanklager een zaak aangebracht tegen Bestuur NPO omdat afdeling De Kuststrook vindt dat Bestuur NPO niet actief genoeg het naleven van de uitspraak van het Beroepscollege handhaaft.

Bestuur NPO heeft op 6 mei met forse tegenzin besloten van afdeling 5 de lossingsvergunningen in te trekken. Die forse tegenzin komt niet voort uit het feit dat Bestuur NPO het niet eens zou zijn met de uitspraak. Bestuur NPO heeft daar geen mening over. De forse tegenzin komt voort uit het feit dat zo veel liefhebbers nodeloos gedupeerd worden.

 Wat zijn formeel de consequenties voor de leden van afdeling 5:  

  • Er is geen lossingsvergunning, dus de afdeling 5 mag geen duiven vervoeren.
  • Er mogen geen uitslagen berekend worden.
  • De leden worden niet opgenomen bij de nationale kampioenschappen.

Simpel gezegd is er voor de leden van afdeling 5 geen concours zolang afdeling 5 de
duiven van de 13 verenigingen blijft vervoeren.

Verder is er door afdeling 5 nog een mogelijkheid tot  bemiddeling aangeboden door
een externe sportrecht deskundige. Dit is door de Kuststrook geweigerd.

Voor afdeling 5 zijn er twee mogelijkheden om de uitspraak van het Beroepscollege van 
tafel te krijgen:

  • Herziening aanvragen bij het Beroepscollege NPO
  • De stap naar de burgerrechter, al of niet in kort geding. 

Tot op heden heeft Bestuur NPO  nog geen bericht ontvangen of een van beide stappen of wellicht beide stappen genomen zijn. 

Al met al voor Bestuur NPO een zeer onverkwikkelijke zaak. Bestuur NPO staat met de rug tegen de muur. In onze organisatie hebben we met elkaar afgesproken dat er een intern rechtssysteem moet zijn, nl. het Tucht-en Geschillencollege en het Beroepscollege. In deze kwestie negeert afdeling 5 de uitspraak van het Beroepscollege volledig. Alleen externe rechtspraak (en wellicht een aanvraag tot herziening van de uitspraak van het Beroepscollege) is nu nog in staat om hierover een oordeel te vellen. Ons bestuur vindt dat dit alle perken te buiten gaat. Het geheel wringt des temeer nu we al weer een maand vliegen.

Op dit moment weten wij als Bestuur NPO niet wanneer en hoe deze kwestie wordt opgelost. We moeten vooralsnog de rechtsgang afwachten.          

Veenendaal, 8 mei 2015 

Namens Bestuur NPO

F. Marinus
Bureaumanager NPO