De week van Martijn - Deel 10

24-09-2015 07:31

Aangezien er deze week weinig schokkends of positiefs te melden is, een artikel over de sport van weleer, ik hoop dat u het met plezier leest.

Ode aan een lange wachter... De Rome vlieger.

Dit artikel gaat zo'n zesenzeventig jaar terug. Het betreft een brief die de Rome winnaar 1939 schreef aan NV Ancienne Maison Louis Sanders (fabrikant der duivenspecialiteiten). Het was de heer Jules Lefevre van Fosses bij Namen die met drie dagen voorsprong deze vlucht won. In concours stonden 501 duiven. De man speelde toen reeds 52 jaar met duiven. Het begin dateert van 1888. Hier zijn verhaal.

DEN 26 JULI 1939. DAG VAN DEN TERUGKEER VAN MIJN ROME-WINNAAR.

'Het is den Bleeken Rooden geringd 8036767 jaar 1934, die deze meesterlijken zet verwezenlijkte. Gelost den 21 juli bereikte hij het hok op 26 juli om 16.55 ure, aldus den eersten prijs in de wacht slepende met drie dagen vooruit op de tweede aankomst. Deze duif is het type van het sujekt dat op alle afstanden zowel de kleinste als grootste prijs wint. Wat te onthouden valt, dat is dat ze vooraleer ingekorfd te worden, voor Rome, pas was thuisgekomen van Dax waar ze den 18e won te Auvelais in dubbeling met de maatschappij L'Avenir van Fleuris.

Ingekorfd op eieren van 15 dagen hernam ze haar nest en op dezelfde eieren, dat ze ingekorfd werd voor Rome waar ze den eersten prijs won. Ze stond op 4 weken broeden. Ze had nog gemakkelijk den weg een keer kunnen overdoen derwijze was ze in volle gezondheid en krachten, frisch en onvermoeid. Het was voor mij den schoonsten dag van mijn duivensportloopbaan.

in het archief van deze fabrikant van duivenspecialiteiten werd opgetekend benevens, dien uitslag van de heer Lefevre op Rome en Dax ook prijs gevlogen werd op St. Vincent en Barcelona, dit op een tijdspannen van 14 dagen. Wat tellen kan. Verder vloog dit hok met succes vanuit Duitsland en Engeland. De lijfspreuk van de melker Lefevre was dan ook. Wie lukken wil, kijkt niet naar den aard van de middelen...

(Mijn advies is lees dit met verwondering maar doe het niet na)

Nog enkele wetenswaardigheden over dit hok: Vloog met groot succes op alle afstanden. Kocht voor kapitalen duiven aan. Kweekte in kruising en in lijnenteelt echter niet verder dan paringen in de derde graad. Speelde alleen op nest alle afstanden, duivers op grote jongen en duivinnen op eieren en kleine jongen of nestjagen.

Voeding: deze melker meed ophitsende kleine zaden, schrijft men destijds over hem. De voeding die hij hen toedient, is gewis van de eenvoudigste. In den winter maïs, tarwe en gerst. Gedurende den kweek tarwe, bonen, rijst en geroosterd brood. Tijdens de vluchten bonen, gerst en haver. Bij den thuiskomst een weinig rijst en lijnzaad. In ruitijd veel lijn en raapzaad, verder wat bonen en rijst.

Voorbereiding op het fondleven van de duiven: als jong opleren tot 500 km. Als jaarling tot 400 km. En als tweejarige geen beperking. Als opmerking van deze melker, schone duiven zien we in de hand een kampioen pas in de mand.

De afstamming van deze duif is niet met zekerheid bekend. Volgens deskundigen uit die tijd zit er een flinke scheut bloed in van DEN BELGISCHE GROOTMEESTER Dokter Bricoux, uit Jolimont. Dit verklaart mogelijk de rode kleur.

Martijn Oomen