Vincent Schroeder - Wat we nog willen zeggen!

07-05-2015 09:34

In de duivensport zijn er altijd voor- en tegenstanders geweest van verschillende vaccinaties. Dit zal ook in de toekomst zo blijven. Doodgewone of ingebeelde voor- en nadelen van vaccinaties bepalen het standpunt van de duivenkweker.


Om die reden zijn de meningen van de duivenliefhebbers vaak erg subjectief, wat we doorgaans wel kunnen begrijpen. Er wordt pas consequent gevaccineerd bij de uitbraak van "epidemieën". Enkele voorbeelden daarvan:


1.De late jonge duiven kregen geen vaccinatie en werden in de late herfst getroffen door paramyxo. De helft van de jonge duiven bezweek uiteindelijk aan de ziekte.
2. Voor het duivenhok werden meerdere nieuwe aankopen gedaan. Enkele weken later heerste er salmonella in het hok. De bacterie werd ermee omgekocht.
3. Wanneer de tijd voor trainingsvluchten was aangebroken, gebruikten duivenliefhebbers meestal een jodiumproduct tegen de pokken. Tot de pokken desondanks toch uitbraken en vluchten voor de jonge duiven gestaakt moesten worden. Meteen het einde van het "jodiumsprookje".
4. Enz., enz., enz ...
Zo kunnen we nog lang doorgaan, want dit maken we vrijwel wekelijks mee. Daarom wordt onze mening omtrent vaccinaties in het bijzonder gevormd door het dierenleed, moor in dit stadium natuurlijk ook het leed van de duivenkweker.

We begrijpen al helemaal niet dat er vandaag nog dierenartsen zijn die een salmonellavaccinatie afkeuren. Volgens ons zijn dit geen objectieve uitspraken. Een solmonellovoccinotie kon niet door een anfibioticakuur worden vervangen. Antibiotica worden gebruikt om de duiven te genezen (om de duiven zuiver te krijgen) en de entstof werkt preventief (verhoogt de weerstand).

Tegen paramyxo kunnen we vaccineren met een helder, waterig vaccin, zoals Colombovac (0,2 mi), of een melk- en olieachtig vaccin, zoals Nobilis (0,25 mi). Vaak treden bij toediening van het olieachtige vaccin reames op in de hals. Dit gebeurt vooral in de winter, wanneer het vaccin koud wordt toegediend.

Er is ook nog een paramyxo- en herpesvaccin uit Slowakije (Pharmavac Columbi 2). Dit vaccin wordt vaker gebruikt als preventief herpesvaccin, maar moet theoretisch 2 maal worden toegediend. Momenteel doen er over dit vaccin geruchten de ronde, dat het ook zou beschermen tegen de jongeduivenziekte (Adeno-Coli). Dit betwijfelen we echter sterk. We weten nog te weinig over het vaccin om dergelijke uitspraken te kunnen doen.

Tegen herpes zelf hebben we tot nu toe goede ervaringen opgedaan met deze nieuwe entstof. Herpesinfecties komen namelijk niet zo vaak voor bij de oude duiven. Wanneer er echter toch herpes uitbreekt, worden jonge duiven daarvan meestal het slachtoffer. Sommige jonge duiven kunnen aan herpes bezwijken, zonder dat ze andere dieren in hun omgeving besmetten. Pas wanneer jonge dieren massaal sterven aan herpes (dit is echter zeldzaam), raden we aan om het getroffen bestand aan duiven te vaccineren met Columbi 2. Daarnaast is een aanvullende behandeling met antibiotica raadzaam om het duivenbestand te stabiliseren. Enkele dagen later kan men het succes van deze vaccinatie meteen vaststellen. De tweede vaccinatie vindt dan enkele weken later plaats. De getroffen duivenkwekers moeten dan beslist ook de volgende jaren preventief het paramyxo-herpesvaccin gebruiken bij hun jonge dieren.

Hoe herkent u jonge duiven die door herpes zijn getroffen? Meestal rochelen de zieke jonge duiven door de snavel. Aanvankelijk opent de snavel zich slechts licht, maar dit neemt toe met de dag. De duiven sterven uiteindelijk aan verstikking. Natte ogen wijzen eveneens op een herpesinfectie (eventueel gecombineerd met chlamidya), maar normaal gesproken sterven de dieren hieraan niet. Het symptoom van de natte ogen treedt overigens ook vaker op tijdens de rui (minder weerstond tijdens de rui). Onze mening over salmonellavaccinatie kon u eerder in de tekst lezen. Een jaarlijkse salmonellavaccinatie van het hele bestand steunen we zonder "gezeur en gemaar"! Of men echter voor een vaccinatie een voorbehandeling met antibiotica moet uitvoeren, is afhankelijk van diverse factoren. Vaak beginnen duivenkwekers hun duivenbestand pas te vaccineren wanneer er al problemen met salmonella zijn opgetreden. In dit geval moet men alvorens te vaccineren beslist antibiotica inzetten. Bij probleem bestanden is dit uiteraard ook het geval. Voor duivenkwekers met een gezond duivenbestand en de jarenlange gewoonte om tegen salmonella te vaccineren, is dit niet van toepassing. Het goede, oude Intervet-pokkenvaccin bestaat jammer genoeg niet meer. Het was een levend vaccin dot de duiven ook in een goede vorm bracht. Dit follikelvaccin leidde tot een klein follikel, wat men over het vaccin dat tegenwoordig verkrijgbaar is, niet kan zeggen. Bij het huidige vaccin kunnen namelijk lelijke, dikke woekeringen ontstaan. We raden daarom aan om een veer aan de binnenkant van de poot te verwijderen.

Het in heel Europa verkochte vaccin wordt geproduceerd door de firma Pharmagal uit Slowakije. Duivenliefhebbers kunnen het in twee vormen gebruiken: eenmaal injecteren en eenmaal volgens de follikel methode. De follikelmethode bleek de afgelopen jaren veel werkzamer, ondanks de gezwollen follikels. De massale uitbraak van pokken in heel Europa leert ons, dat het pokkenvaccin op dit moment absoluut noodzakelijk is. Ons colivaccin is al enkele jaren op de markt. We gebruiken dit ook voor ons eigen duiven bestond. In de duivensport waren we als een van de eersten actief op dit vlak. Om die reden hebben we ook de meeste ervaring met het colivaccin. Voor duivenkwekers die elk jaar door jongeduivenziekte (Adeno-Coli) met grote problemen kampen, raden we aan om te vaccineren met een colivaccin. Bij een grote groep klanten helpt dit erg goed.

Bij velen onder hen zorgt het vaccin voor een beperking van de problemen, slechts bij enkelen treedt er geen verbetering op. Vele duivenliefhebbers kunnen zonder een colivaccin niet deelnemen aan vluchten, omdat hun jonge duiven in grote mate te kampen hebben met jongeduivenziekte. We vaccineren onze jonge duiven tegenwoordig met het coli-vaccin, ongeveer 3 tot 4 weken na het spenen.

Bron: duivenvaria.nl